Samen bent u namelijk het lichaam van Christus, en ieder afzonderlijk Zijn leden. (1 Kor. 12:27)

De zonden vergeven door de liefde tot Christus

Maar Hij zei tegen de vrouw: Uw geloof heeft u behouden; ga heen in vrede! ” Lucas 7 vers 50

Ziet u het voor u? Daar aan het begin, aan het hoofd van de tafel zit de gastheer. Het is een voorname man. Een door het volk gerespecteerde man. Het is één van de leiders van het volk Israël. Een farizeeër. Een voorname man. Een gerespecteerd persoon. En samen met de andere farizeeën en met de schriftgeleerden en sadduceeën geven ze leiding aan het volk. Zij hebben het voor het zeggen in de tempel. Zij weten alles over de Thora. Zij kunnen de wetten uitleggen die Mozes gegeven had. En ze wisten precies hoe je die wetten toe moest passen. En het volk? Dat gewone volk? Dat luisterde naar hen. Zij waren immers de vrome leiders van Gods volk?!

Maar toen was daar opeens die Jezus uit Nazareth. Voor het oog een gewone man. Net als iedere andere gewone man uit het volk. Hij had 12 discipelen om zich heen verzameld. En Hij was begonnen met leren en onderwijzen van het volk. Hij preekte niet alleen op de sabbat. Nee Hij liet zijn boodschap elke dag weer horen. Hij trok het land door en waar Hij kwam daar sprak Hij. Hij deed ook wonderen. Hij genas de zieken. Reinigde de melaatsen. En elke dag weer kwamen er mensen naar hem toe. Wie was Hij toch? Is Hij een profeet? Simon wist niet wat hij er van moest vinden. En om er achter te komen wie Jezus was, had hij hem uitgenodigd voor de maaltijd. Nu was het niet ongewoon dat een rondreizende rabbi door de farizeeën uitgenodigd werd voor de maaltijd. Dit gebeurde aan de ene kant uit hoffelijkheid. En het werd ook als een bijzonder verdienstelijk werk aangerekend. Hij werd er om geëerd door de mensen Maar zeker ook door de andere farizeeën en schriftgeleerden.  En daarom alleen al werden rondreizende rabbi’s graag als gast ontvangen.

Simon had ook nog andere mensen uitgenodigd. We lezen in vers 49: “En zij die mee aanlagen”. Er waren dus meerdere personen voor de maaltijd uitgenodigd.  Het is dus goed mogelijk dat er nog meer farizeeën aanwezig waren. Het waren in ieder geval voorname mannen, evenals de gastheer.Eenvoudige mensen, mensen uit het gewone volk werden niet uitgenodigd. Veel farizeeën en schriftgeleerden hadden een soort minachting voor het gewone volk. Het gewone eenvoudige volk kende de Schriften niet. Ze hielden zich in de ogen van de farizeeën en schriftgeleerden niet goed genoeg aan de wetten en regels die Mozes geboden had.Nee dan zij. Zij kende de wetten wel. En ze hielden ze zeer nauwkeurig. Ze konden al die wetten ook uitleggen. Maar het leek wel of het volk hun uitleg niet altijd begreep.

Maar sinds kort is daar Jezus. Jezus uit Nazareth. De Zoon van een gewone eenvoudige timmerman. En Hij preekt ook. Hij legt ook de Schriften uit. En het volk, dat gewone volk komt in grote getale naar Hem luisteren. Ze spreken er over. Zijn uitleg is zo anders als die van de farizeeën en schriftgeleerden. De mensen noemen hem Rabbi en Meester.Simon wilde daar het zijne over weten. En daarom had hij Jezus uitgenodigd voor de maaltijd.

Nee hij had Jezus niet ontvangen zoals hij zijn vrienden ontvangen had.

Natuurlijk had hij Jezus vriendelijk begroet  toen deze bij hem binnen kwam. Hij had Hem naar de plaats aan de tafel gebracht, die hij voor Hem bedacht had. Maar, hij had Jezus geen welkomstkus gegeven zoals hij gewoon was  te doen bij zijn vrienden. Hij had ook zijn voeten niet laten wassen die vuil, warm en stoffig waren. Hij had zijn bediende ook geen opdracht gegeven, om een paar druppels van die heerlijk ruikende olie op het hoofd van Jezus te druppelen. Niets van dat alles.Geliefde broeders en zusters. Hoe zouden wij, u en ik, ons voelen als we op dezelfde manier behandeld zouden worden zoals Simon Jezus behandeld? We zouden ons op z’n minst gekwetst voelen. Achtergesteld. We zouden ons niet serieus genomen voelen. Menigeen van ons zou zich in een dergelijke situatie opgelaten voelen. Misschien wel beschaamd.

Hoe moet dit voor de Heere Jezus zijn geweest? Hij de Zoon van God zit aan tafel bij zondige mensen. Mensen die Hem ook nog eens minachten. Mensen die hun aardse vrienden belangrijker vinden dan Hem. Hij die naar de aarde kwam om mensen te redden en zalig te maken wordt geminacht, niet serieus genomen, achter gesteld. Ja uit nieuwsgierigheid nog wel uitgenodigd, maar….

Is het niet een wonder dat Jezus zich door Simon naar zijn plaats laat brengen, en toch plaats neemt op de plaats die Simon voor hem bedacht had?

Gemeente, welke plaats heeft u voor Jezus in gedachten? Nee en dan bedoel ik natuurlijk niet dat u de Heere Jezus moet uitnodigen voor een maaltijd. Dat kan niet meer. De Heere Jezus is na zijn opstanding uit de dood terug gegaan naar Zijn Vader in de Hemel. Maar wat bedoel ik dan wel? Nou,… welke plaats heeft de Heere Jezus in uw en mijn leven? Op welke plaats staat Hij? Is Hij met eerbied gesproken onze beste gast en geven we Hem de meest eervolle plaats? Je zou ook kunnen zeggen: Is de Heere Jezus de belangrijkste persoon in uw leven? Betrekt u hem bij de keuzes die u maakt?

Gemeente is het niet zo dat als we onszelf diep in ons hart kijken, we eerlijk moeten bekennen dat het bij ons vaak hetzelfde is als bij Simon de farizeeër? Ja Jezus mag wel komen, maar wij bepalen zelf op welke plaats Hij mag gaan zitten.

Ja natuurlijk u leest uit de Bijbel, maar u denkt er liever niet al te diep over na. U hoort het evangelie zondag aan zondag verkondigen. Maar als de dienst voorbij is, of als de zondag voorbij is, dan is het gewone leven er weer. We gaan weer over tot de orde van de dag. De werkelijkheid roept weer. Werk, studie, mobiel, internet. We zijn druk met van alles en nog wat. De moeite en zorgen van het leven komen weer op de eerste plaats. Het zaad van het Evangelie wordt overwoekert door allerlei andere gewassen. Herkent u het?  Welke plaats hebben we dan voor Jezus gereserveerd?

Hebben we wel tijd voor de Heere Jezus? Denken we elke dag aan Hem?

Of is er zoveel wat ons bezighoud dat we maar amper tijd hebben om aan Jezus te denken? En als dat zo is, doen we dan niet net als Simon? Met onze mond zeggen we dat Jezus welkom is, maar Hij krijgt geen warm welkom. Geen kus, Zijn voeten worden niet wassen, Hij ontvangt geen heerlijk geurende druppels olie op het hoofd.

Geliefde gemeente, als er bij ons net als bij Simon eigenlijk geen plaats is in ons leven voor de Heere Jezus, dan zijn we arm en ellendig. Dan willen misschien het Evangelie wel horen, zeker wel, maar wat doet het ons?  We luisteren uit nieuwsgierigheid, net zoals Simon nieuwsgierig was wie Jezus nu eigenlijk wel was. Maar dan hebben we geen levende relatie met de Heere Jezus. En als dat zo blijft dan zullen we voor eeuwig verloren gaan.

Maar zult u zeggen: “Ik kan de Heere Jezus toch niet zomaar uitnodigen in mijn leven?!”  Nee dat kan zeker zomaar niet. En ik kan het u nog sterker vertellen. U kunt de Heere Jezus ook niet zelf uitnodigen. Ons zondig hart staat ons in de weg. Wij kunnen niet uit ons zelf tot Jezus gaan.

Maar geliefde gemeente, ik heb een blijde boodschap voor u. U kan hem niet uitnodigen, nee,  Maar u behoeft het ook niet te doen. In Openbaring 3 vers 20 lezen we: “Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop. Als iemand Mijn stem hoort en de deur opent, zal Ik bij hem binnenkomen en de maaltijd met hem gebruiken, en hij met Mij.”

Wie horen we hier spreken? Is het niet de Verlosser van deze wereld zelf? Ja het is de Heere Jezus Christus zelf. En wat zegt Hij: “ Zie ik sta aan de deur”. Christus staat aan de deur. Welke deur?

De deur van uw hart. En van jou hart, Ook van jullie hart, jongens en meisjes. Ja de Heere Jezus klopt ook op de deur van jouw hart.

Jezus klopt op de deur van je hart. Hij slaat niemand over. Of u nu in de kerk zit, of thuis met ons mee luistert via internet of de kerkradio. Als u en jij uit de Bijbel hoort lezen, of als je zelf uit de Bijbel leest. Als je in de kerk zit, als je naar de club gaat of naar de catechisatie, dan klopt de Heere Jezus op de deur van je hart jonge vrienden. Hij wil binnengelaten worden. Staat de deur van jou en uw hart al voor Hem open?  Vind je het fijn als de Heere Jezus in je hart woont? Ja? Hij weet ook alles van jou, Hij weet ook wat je nodig hebt. Misschien vind je wel iets moeilijk, of heb je verdriet. De Heere Jezus wil je helpen. Maar niet alleen jou, maar ook je vader en je moeder, je opa en oma. De Heere Jezus kwam voor ons allemaal. Gelooft u dat gemeente? Hoort u zijn kloppen op de deur van uw hart? Mag Hij binnenkomen?

Als Hij binnen is gekomen zal Hij de maaltijd met u gebruiken zo lezen we in Openbaring 3 vers 20. Dan zal Hij u alles geven wat u nodig heeft. En dan denk ik ook aan de ouderen van de gemeente. U die al in de avond van uw leven gekomen bent. Als u gelooft dat de Heere Jezus uw Verlosser is, dan ontvangt u van Hem het grootste cadeau wat maar mogelijk is. Vergeving van al uw zonden door Zijn bloed. Dan worden de rollen omgedraaid. Als de Heere Jezus bij u binnen komt wordt Hij de gastheer. Hij deelt uit en u mag ontvangen. Als u de Heere Jezus echt leert kennen, ja dan staat de deur van uw hart altijd voor Hem open. Dan is Hij op elk moment van de dag welkom. Dan krijgt Hij ook de eerste plaats in uw leven. Een Leven met Christus! Dat is rijk! Dan bent u, en dan ben jij vrij!

En dat is nu juist precies wat de vrouw die achter Jezus is komen staan goed begrepen had. De deur van haar hart was ook dicht. Potdicht! Ze had hem zwaar vergrendeld. Niemand  mocht er in komen. Ze wilde zelf bepalen wat ze met haar leven deed. Ze heeft vertier gezocht in haar zondig leven.

Tot dat ze over Jezus hoorde. Mogelijk heeft ze Zijn wonderen gezien. Heeft ze Zijn prediking gehoord. Het heeft haar geraakt. Dat kan niet anders.

Toen ze hoorde dat Hij in het huis van de farizeeër was kon ze niet langer wachten. Ze moest naar Hem toe. Jezus’ kloppen op de deur van haar hart werd haar te sterk. De Heere Jezus brak met Zijn liefde voor zondaren de deur van haar hart open. De deur die ze zo goed gebarricadeerd had. Die deur bezweek onder de druk van de liefde van de Heere Jezus. Ze begreep dat alleen de Heere Jezus haar kon helpen. Alleen bij de Heere Jezus is uitkomst. Alleen daar kunnen we hulp verwachten.

Huilend van berouw over haar zonden staat ze bij de voeten van Jezus. Zij voeten worden nat van haar tranen.

Simon had de voeten van Jezus niet laten wassen. De voeten van Jezus worden nu nat van de tranen van deze vrouw. Het zijn tranen van berouw over haar zonden en tranen van liefde voor Hem.

Simon had Jezus niet gekust toen hij zijn woning binnen kwam. De vrouw kust Zijn voeten steeds weer nadat ze die met haar haren heeft afgedroogd.

Simon heeft Jezus niet met olie gezalfd als blijk van vriendschap en eerbetoon. De vrouw zalft de voeten van Jezus met een zeer kostbare zalf om zo haar liefde voor Hem te tonen.

Simon had zich de maaltijd waarschijnlijk heel anders voorgesteld. Zijn bedoeling was om eens rustig met Jezus te spreken. Hij wilde weten wie Jezus nu wel was. Zou hij het nu toch begrepen hebben?

En u en ik, begrijpen wij wie de Heere Jezus voor ons wil zijn?

Horen we Zijn kloppen op de deur van ons hart? Is het slot van uw hart al opengesprongen voor de liefde van deze Heiland?

Verlangt u er ook naar om samen met deze vrouw aan de voeten van Jezus te staan? En Zijn voeten nat te maken met uw tranen?

Tranen van liefde, liefde voor Hem, Voor Hem die al uw zonden wil vergeven. Die voor u en mij naar deze aarde kwam om de straf voor onze zonden te dragen. Deze vrouw had dat begrepen. Ze mocht als een gelukkige vrouw terug gaan naar huis.

En Jezus zei tot de vrouw: “Uw geloof heeft u behouden; ga heen in vrede!”

Amen.

 

J. van Wijngaarden